Terug naar Atlantis

Al dagen is het concentratievermogen van Roza ver beneden peil. Ze probeert haar werk te doen, maar dwaalt in gedachten continu af naar hem. Hij is allesoverheersend in haar hoofd. Het is niet de eerste keer dat ze dit meemaakt; al eerder had ze ontmoetingen met mensen, mannen en vrouwen, die vervolgens heel erg in haar hoofd aanwezig waren. Het is anders dan “instant” verliefdheid, al lijkt het er gevoelsmatig wel veel op. Ze weet dat het in zo’n geval gaat om een geestelijke connectie die ze met diegene heeft, vaak al gelegd in een vorig leven. Maar uit welk leven komt de connectie met deze man? Een man die ze nog maar twee keer heeft ontmoet? En amper echt heeft gesproken, behalve over wat werkzaamheden? Wat was hun connectie?

De eerste indruk

Tijdens de tweede fysieke ontmoeting met de man, speelt Roza ongemerkt met de edelsteen aan haar ketting; een steen van Atlantisiet (een combinatie van serpentijn en stichtiet en een speciale connectie met de kennis en energie van het vergane werelddeel Atlantis). Ze ziet hoe de steen onverwachts zijn aandacht trekt, al vermoedt ze dat hij zich daar niet heel bewust van is. Het beeld dat Roza langzamerhand van hem krijgt in haar hoofd, wordt gevormd door zijn fysieke uitstraling, opmerkingen en manier van reageren, gecombineerd met de visioenen en visualisaties die spontaan in relatie tot hem bij haar opkomen. Ze voelt een wederzijds enthousiasme voor elkaar, een puurheid, bijna maagdelijkheid in hun connectie. En daaronder toch ook een dunne laag van terughoudendheid, voornamelijk van zijn kant. En ze heeft de indruk dat hij iets met varen of boten heeft.

Terug naar een vorig leven

Met behulp van haar kaartendeck stelt Roza in gedachten de vraag om meer duidelijkheid over hun connectie. De kaart die ze trekt, verwijst – niet geheel verrassend – naar “Vorige levens”. Ze verstilt, maakt haar hoofd vrij van gedachten en wacht op wat er komt. Ze “ziet” hoe iemand verschijnt en haar bij de hand neemt. De begeleidster neemt haar mee over een golvende stroom water, om uiteindelijk samen te landen op een heuvel. Daar laat de begeleidster Roza achter, zodat ze zelf op verkenning kan gaan. Verderop links, wat lager gelegen, ziet ze huizen, dicht op elkaar, als een stad. Rechts is de kust te zien, waar ter hoogte van de stad een uitgebreide haven ligt, wat weer een stad op zich lijkt te zijn. Tussen de stad en de haven loopt een natuurlijke boulevard. Ze besluit naar beneden te lopen, de boulevard af. Als ze ter hoogte van de haven is, hoort ze iemand naar haar roepen; het is hem, de man die de afgelopen tijd zo in haar hoofd aanwezig is. Hij staat bij een kleine zeilboot en zwaait uitgebreid en uitnodigend naar haar, ook enigszins ongeduldig. Het is alsof hij al verwacht dat ze naar hem op weg is. Twee tijdperioden lijken nu door elkaar te lopen; de tijd waarin ze als Roza bewust verstild is, op zoek naar een vorig leven waar hij in voorkomt en de tijd waarin ze voelt dat ze daadwerkelijk iemand uit deze stad is en een connectie met hem heeft.

Hernieuwde ontmoeting

Bij het zien van hem en het zien van zijn gezwaai en zijn ongeduld, gloeit een gevoel van warmte en oprechte liefde door haar heen. Dit is haar trouwe vriend in dit leven; haar broer, Hébrid genaamd, de man met wie ze veel samen optrekt. Ze voelen zich bij elkaar volledig op hun gemak, ze kunnen beiden zichzelf zijn. Hij is beschermend, betrouwbaar, als een veilige haven. Mooie woordspeling bedacht ze; want zijn liefste bezigheid is er op uit trekken met zijn zeilboot, bij voorkeur met haar – Édid – aan zijn zijde.

Op zoek naar innerlijke wijsheid

Maar iets knaagt er al een tijdje bij Édid. Ze vraagt zich af of ze niet meer uit dit leven moet halen, of er niet méér is. Ze wil kennis opdoen, geestelijk groeien. Onlangs heeft ze in de stad iemand ontmoet; Philo, een rustig en zeer wijs man. Ze voelde direct dat ze veel van deze man kan leren. Dat idee laat haar sindsdien niet meer los en ze wil zich aanmelden voor een van zijn wijsheidsgroepen. De enige reden waarom ze dat nog niet heeft gedaan, is vanwege Hébrid. Édid heeft geen idee hoe ze hem moet vertellen dat ze minder met hem zal optrekken en zich verder wil ontwikkelen; iets waar hij – in het algemeen – niet de toegevoegde waarde van inziet; als je leven op orde is en je hebt ook de gelegenheid om tijd te besteden aan je grootste hobby, zoals zeilen, is dat dan niet voldoende? Wat hij eigenlijk bedoelt; moet je niet gewoon gelukkig zijn met wat je hebt? Édid kan een eind meekomen in die redenatie. Toch is het voor háár niet voldoende.

Roza voelt hoe er een einde komt aan de blik in haar leven als Édid. In een volgend kort moment ziet ze Édid nog zitten in de kamer van Philo. Ook Hébrid is daarbij aanwezig. Ze voeren het gesprek over Roza’s deelname aan de wijsheidsgroep van Philo. Roza voelt de terughoudendheid van Hébrid en ziet dat hij zich realiseert dat er meer afstand zal komen tussen hem en Édid.

Atlantis

Aan het einde van de terugblik stelt Roza in haar hoofd nog een laatste vraag; in welke omgeving speelde dit leven als Énid zich af? “Atlantis” is het antwoord. Dan schiet haar het moment weer te binnen van hun fysieke tweede ontmoeting; als zijn aandacht wordt getrokken door de Atlantisiet-steen die Roza aan haar ketting draagt. In toeval gelooft Roza al lang niet meer.

terug naar Roza, paranormaal getalenteerd