Mechteld ten Ham, heks

Kasteel Bergh in ‘s Heerenberg

Wanneer je nu rondloopt op kasteel Bergh, kun je niet anders dan onder de indruk raken van de grootsheid van het kasteel. Zeker als je eerst door het stadje ‘s Heerenbergh loopt en het kasteel ineens voor je opdoemt. 

doorkijkje door groen blad naar kasteel  Bergh nu
Kasteel Bergh in ’s Heerenberg

Als je er in de lente loopt, is het ook nog eens een mooie plek om te zijn; een hooggelegen pad langs het kasteel waar langszij oude, volledig uitgeholde bomen staan. Schildpadden badend in de zon op een steigertje aan het water. Kleine eendjes drifting rondzwemmend (van die meerkoetjes; schattig, maar zo lelijk als de nacht met hun rode kop en punkhaar). Erg indrukwekkend. Tot je de toren aan het water een bezoekje brengt en in de kelder komt. Daar waar Mechteld ten Ham rond het jaar 1600 is gemarteld, net zolang tot ze bekende dat ze een heks was.

Mechteld ten Ham; wel of geen heks?

Tot op heden heeft ze geen rust gevonden, want de sfeer in de kelder is ijzingwekkend, alsof ze iedere levende ziel die daar naar binnengaat, dat wil laten weten. Eenmaal buiten, sta je misselijk tegen een stenen rand over het water te staren om weer een beetje bij te komen. Het verhaal gaat dat Mechteld per sé berecht wilde worden om aan te tonen dat ze geen heks was. En dat in een tijd waarin heksenvervolging nog plaats vond! Waarom?

Mechtelds visioenen

Mechteld en haar man leefden teruggetrokken uit de samenleving. Mechteld ‘’zag’’ meer bij mensen dan anderen. Dat gebeurde vaak bij het wassen van de kleren. Dat deed ze wekelijks en ze hoefde er niet bij na te denken. Haar gedachten dwaalden af en dan zag ze voor zich hoe mensen uit haar omgeving dingen overkwam. Of dat ze ziek werden.

Zo had ze haar buurvrouw op het ziekbed gezien; pijn in haar buik en zwetend van de koorts. Ze waarschuwde de buurvrouw in kwestie voor wat ze in haar visioen had gezien. Die keek haar eerst nogal vreemd aan en had toen hard gelachen. Totdat ze enkele weken later inderdaad ziek werd en met koorts en pijn in haar buik op bed lag. De buurvrouw was er volledig van overtuigd dat Mechteld dit over haar had afgeroepen en beschuldigde haar van hekserij.

Mechtelds man had te vaak gezien dat de voorspellingen van zijn vrouw uitkwamen om er niet in te geloven. Ze had hem gewaarschuwd toen hij op weg moest voor een special opdracht. Graaf Van den Bergh, zoon van Maria van Nassau en Willem IV, had hem die toegewezen. Dàt en het feit dat er brood op de plank moest komen voor zijn vrouw en hem, zorgde ervoor dat hij toch op pad ging. Misschien had hij wel geluk en kwam deze voorspelling niet uit. Of had zijn vrouw haar visioen verkeerd geinterpreteerd.

*******

Waarom wilde Mechteld bewijzen dat ze geen heks was?

Vier jaar was Mechteld nu weduwe. Haar man was overleden toen hij onderweg was met een speciale opdracht van Graaf Van den Bergh. Enige tijd na zijn dood viel het haar op dat ze de aanwezigheid van haar man voelde, telkens als ze aan hem dacht. Een eenzaam gevoel overviel haar dan; was ze ook maar daar, bij hem. Het leven was nog harder geworden nu haar man haar niet meer kon steunen en beschermen tegen de pijn die het deed als mensen haar uitlachten om haar visioenen en voorspellingen. Of haar uit de weg gingen uit angst om iets te horen wat ze liever niet wilden weten. Maar dat ze ook nog eens beschuldigd werd van hekserij, raakte haar diep in haar hart. Ze wist zelf dat wat ze voelde en zag ècht was.

Hoe vaker ze echter de aanwezigheid van haar man bemerkte, des te veiliger ze zich begon te voelen. Op de een of andere manier leek hij continu bij haar te zijn en ook te beschermen. Hij kwam nog sterker over dan hij tijdens zijn leven was geweest. Alsof hij geestelijk gegroeid was. Hij sterkte haar in haar geloof in zichzelf en in de echtheid van de beelden die ze doorkreeg. Haar verlangen om geaccepteerd te worden om wie ze was, groeide weer. Ze wilde geen teruggetrokken bestaan leven, alleen omdat anderen niet met haar dromen en visioenen overweg konden. En zo kwam Mechteld tot het plan om zich te laten berechten. Om zo te bewijzen dat ze geen heks was.

oud geschrift met proces van Mechteld
Het proces van Mechteld

Mechteld en haar angstige omgeving

Helaas pakte dat anders uit. De mensen die haar wel geloofden, durfden daar niet voor uit te komen. Bang om ook beschuldigd te worden, vooral door hun naaste omgeving. Maar ook de kerk werkte nog mee aan heksenvervolgingen. Er was weliswaar een beweging gaande dat de rechterlijke macht dergelijke berechtingen overnam van de kerk en probeerde te zorgen voor een goed onderbouwd proces. Maar met alleen maar mensen die getuigden dacht Mechteld een heks was, kon de rechterlijke macht ook niet veel anders dan erin meegaan. Ze gaven Mechteld nog wel het advies om elders te gaan wonen. Of zich te laten wegen op de heksenwaag in Oudewater, waar nog nooit ook maar één persoon tot heks was verklaard.

Graaf Van den Bergh, zoon van Maria van Nassau en Willem IV

Geen van deze adviezen volgde Mechteld op. Haar hoop en vertrouwen was volledig gericht op de Graaf. Een paar jaar terug was ze bij hem geroepen omdat hij tijdens een beleg gewond was geraakt aan een oog. Men had Mechteld gehaald om de wond te behandelen met haar kruidenmengsels, omdat de wond op de reguliere manier maar niet wilde genezen. Na een paar behandelingen door Mechteld was de Graaf weliswaar zijn oog kwijt, maar was de wond helemaal genezen.

Tijdens de behandelingen waren ze aan de praat geraakt. Eerst over wat oppervlakkige zaken, maar al snel vroeg de Graaf door op haar kennis van kruiden en haar dromen en voorspellingen. Hij had zich open opgesteld en Mechteld had het heerlijk gevonden dat er iemand was die daar zo in geïnteresseerd was en dat ze er zo vrijuit over kon praten. Het voelde bevrijdend. De Graaf had haar duidelijk gemaakt vooral in zichzelf te blijven geloven. Hij zag haar voorspellingen en dromen als een verrijking voor haar en haar omgeving. Ook al wist hij dat hij een van de weinigen was. Door de woorden van de Graaf had ze zich gesterkt gevoeld in haar stap om zich te laten berechten. Ze was ervan overtuigd dat hij haar zou steunen en ervoor zou zorgen dat werd aangetoond dat ze geen heks was.

Marteling van Mechteld volgens de Heksenhamer

Maar de Graaf liet haar berechting over aan het lot en daarmee was Mechteld kansloos. Na de getuigenissen tegen haar werd Mechteld in de torenkamer gemarteld door een beul. Volgens de Heksenhamer – een handleiding voor Inquisiteurs om heksen te identificeren, vervolgen en veroordelen – was het namelijk noodzakelijk om een bekentenis van de verdachte te krijgen. Martelen was een van de middelen daartoe. Maar Mechteld had nog hoop. Hoop dat de Graaf zich met haar proces zou bemoeien en zijn inzicht en geloof in haar kunnen en haar oprechtheid kenbaar zou maken. Hij liet echter niets van zich horen.

Na de martelingen werd ze in het water van de Laak gegooid, in Azewijn, een plaatsje vlakbij ‘s Heerenbergh. Mechteld probeerde uit alle macht boven water te blijven en geholpen door luchtbellen onder haar rok, bleef ze drijven. Dat werd echter gezien als extra bewijs; omdat ze bleef drijven, was ze dus te licht om een normaal mens te zijn. Mechteld werd teruggebracht naar de torenkelder. En omdat ze nog steeds niet wilde bekennen dat ze een heks was, werd ze opnieuw gemarteld. Ze werd vastgebonden aan koorden en haar ledematen werden langzaam steeds verder uitgerekt. Een ongelooflijk pijnlijk iets. Mechteld brak. De folteringen waren niet meer vol te houden, maar het feit dat de Graaf haar niet te hulp was geschoten, deed haar wil pas echt breken. Ze bekende dat ze een heks was.

Een woedende geest.. tot op de dag van vandaag

Op 25 juli 1605 werd Mechteld aan een paal gebonden en levend verbrand. Tot op de dag van vandaag doolt haar geest rond in de torenkamer. Een geest vol woede en het gevoel verraden te zijn.

terug naar Vrouwen uit onze geschiedenis