Maria Magdalena, apostel der apostelen

Maria dwaalt – zoals ze doet sinds ze voor het eerst voet aan wal zette in dit land – over de heuvelen. Ze geniet van het alleen zijn. Het lopen zorgt voor rust in haar hoofd en geeft haar de gelegenheid herinneringen op te halen. Ze merkt wel dat ze ouder wordt; ze heeft vaker een pauze nodig tijdens het wandelen. Ook nu neemt ze even plaats op een omgevallen boomstam. Ze realiseert zich dat het einde van haar leven hier op aarde nadert. Bang voor de dood is ze niet. Haar lichaam zal sterven, maar haar ziel blijft voortbestaan. Jezus, haar echtgenoot in dit leven, haar spirituele partner en de vader van hun dochter Sarah, heeft haar verteld over het visioen waarin hij zag hoe zijn ziel na zijn overlijden een bepaald pad volgde. Dat wordt de volgende grote uitdaging in haar groei; ook dit pad ontdekken en ervaren en ervan leren.

Weg uit het onveilige Jeruzalem

Zittend op de omgevallen boomstam heeft ze weids uitzicht; ze ziet de heuvelen waarover ze zo vaak dwaalt en in de verte de zee. Haar gedachten dwalen af naar de eerste keer dat ze vanaf die zee hier aan land kwam. Na de kruisiging van Jezus voelde ze zich niet meer veilig in Jeruzalem, zeker niet omdat ze zwanger was van hem. De Romeinen waren nadrukkelijk aanwezig en zagen hun geloofsgemeenschap steeds meer als een bedreiging. Ze wilde er weg. De andere apostelen zouden ook ieder hun weg volgen om de leringen van Jezus te verspreiden. Jakobus, de broer van Jezus, verkoos om in Jeruzalem te blijven en hun gemeenschap daar te leiden. Ze vond hem moedig en had bewondering voor zijn grote toewijding, overtuiging en standvastigheid.

Het ontstaan van een nieuwe geloofsgemeenschap rondom Maria

Met behulp van een vriend van de familie, Jozef van Arimathea, had ze een bootreis kunnen ondernemen, weg uit Jeruzalem. Hoogzwanger van Sarah bereikte ze dit land en werd liefdevol opgevangen door kennissen van Jozef. Ze kon Sarah in redelijke veiligheid opvoeden en had de ruimte gekregen om haar leringen en die van Jezus te delen met de mensen om haar heen. Ze vertelde de vergelijkingen die Jezus ook vaak aanhaalde en ze vertelde over de visioenen van haar en Jezus. Langzaamaan ontstond rondom haar een geloofsgemeenschap.

Het onbegrip voor de vrouw

Ze dacht terug aan de tijd net na de kruisiging van Jezus. Zij en de andere discipelen zaten bij elkaar en praatten over hoe nu verder. Een van de discipelen, Petrus, vroeg haar om kennis te delen die Jezus alleen met haar had gedeeld. Daarop vertelde Maria een van Jezus’ visioenen, over de weg van de ziel in het hiernamaals. Nadat ze was uitgesproken, trok Andreas haar woorden hardop in twijfel, omdat ze zo afwijkend waren van wat Jezus hen tijdens zijn leven had verteld. De letterlijke reactie van Petrus op haar woorden, kon ze zich nog zeer goed voor de geest halen; “Zou hij (Jezus) werkelijk buiten ons om (en) niet openlijk met een vrouw gesproken hebben? Moeten wij ons soms omkeren en allemaal naar haar (Maria) luisteren? Heeft hij aan haar de voorkeur gegeven boven ons?” Zijn woorden deden zelfs nu nog zeer. Er sprak zoveel onbegrip uit; onbegrip over het feit dat haar spirituele kennis verder reikte dan die van veel mensen, onbegrip over de nauwe band die zij en Jezus  hadden, onbegrip over het feit dat ze als vrouw minderwaardig aan de man werd beschouwd en onbegrip bij de gedachte dat een vrouw mannen zou kunnen voorgaan. Door die reactie van Petrus begreep ze des te beter dat de diepere spirituele kennis voor veel mensen een mysterie zou blijven en dat vrouwen nog een lange weg hadden te gaan in hun gelijkheid met de man.

Note: Dit verhaal speelt zich af in de 1e eeuw van onze jaartelling. Waar staan we nu?

Geraadgpleegde bron: De Nag Hammadi geschriften; Evangelie volgens Maria (Magdalena) door J. Slavenburg & W. Glaudemans, 2004

terug naar rondom Jezus